Bidden om verboden vruchten, Bart Stouten

TEKST groter lettertype kleiner lettertype

dinsdag 26 mei 2015 om 10:30 uur.    |    Terug naar Proza
Dit werk werd reeds 1277 maal bekeken.


Deze recencie verscheen op 28.5.2015 op De Schaal van Dighter: http://digther.blogspot.be/2015/05/bidden-om-verboden-vruchten.html

Bidden om verboden vruchten

                 De autobiografische fictie van Bart Stouten

Bart Stouten debuteerde als prozaschrijver in 2009 met Het ware Eden, Beminde Eilanden verscheen in 2011 en Kersen eten om middernacht in 2013. (1) In mijn jaaroverzicht ‘2013 eigenzinnig in boeken’ stond: ‘Kersen eten om middernacht van Bart Stouten las ik met de spreekwoordelijke ‘stijgende verbazing’. Het is een cliché, ik weet het. Maar voor mij is het zijn opus magnum (tot nu toe) met intiem als het kernwoord. Het is een polyfone ode aan muziek waarmee zijn leven is verbonden. En wat een stijl! In een taal van fijn gekloste kant werd zijn verleden er doorheen geweven.’ (2) Kersen eten om middernacht werd met de Grote Inktslaaf Literatuurprijs 2013 bekroond

In bidden om verboden vruchten is Kaius de hoofdfiguur. In zes hoofdstukken met evenveel alternerende passages in cursief ontspint het verhaal dat begint in 1964 en  tot in 1975 rolt. In het voorwoord verantwoordt Kaius (de verteller), het afscheid van zijn ‘Ik’: Het tijdperk van zijn imperialistische Ik was voorbij. Die makke Ik was een woord op drift… In tegenstelling tot Kersen eten om middernacht is dit boek in de hij-vorm geschreven

Kaius zit geklemd tussen zijn gelovige, en praktiserende grootmoeder, de navelstreng tussen Kaius en het Katholiek verleden van Vlaanderen en het uitgesproken atheïstisch socialisme van zijn moeder. Slechts zijdelings,  pas op het einde duikt de vaderfiguur uitdrukkelijk op, een liefhebber van motorcross die met Joël Robert ging motorcrossen  Wanneer hij ophoudt met bidden begint het geloof van Kaius: bidden was verworden tot het kreunend gezang van een sputterende oude motor die alleen de dood kon stilleggen. Hij lapt het kerkverbod van moeder aan zijn laars en gaat te biecht. Na het bezoek van de pastoor bij zijn moeder aan wie hij de ‘heel intieme kracht van Kaius geloof toelicht, krijgt hij omwille van zijn morele muiterij een ‘Darwin-therapie’, en L’Évolution créatrice van Henri Bergson, spannender dan God, toegestopt: En daarmee werd God pas echt een verboden vrucht. Dank zij deze ontluizingstrategie van Mama krijgt zijn geloof een enorme boost. Onder invloed van zijn tante Jozefina –  Proustiaanse madeleines zijn ook hier aanwezig- verandert Kaius godsbeeld van strenge opperrechter naar een abstracte grootheid, verlangen, verrukking of twijfel. Het klein icoontje dat hij van zijn tante ontvangt wordt zijn talisman en in 1974 neemt hij dit mee naar Ecuador. Hij gaat er op excursie met een indiaan en ternauwernood ontsnapt hij aan de verdrinkingsdood. Borgloon is zijn biotoop met het lichtjes hautaine, niet razend originele ouderlijk huis in een saai-moderne wijk, de stoomstroopfabriek: een legendarisch suikerwalhalla, zijn clandestiene trektochten, de liefde voor zijn piano alsof hij er verkering mee heeft, de dampende stoomtreinen. Anna of Anneke verschijnt met licht astrante blikdie hem op de rand van verliefdheid bracht. Op haar achteloze ‘ oké’ knapt hij af. Kaius ontmoet een Lennon-Christus, een metaherder die verder leeft in zijn opgewarmde fantasie. Een doos met brieven en ansichtkaarten die hij zijn oma verstuurde toen hij 12 was, roepen herinneringen op aan de astma-verdrijvende therapie met zijn ouders in Zwitserland. waar hij een ontmoeting heeft met een jonge Japanner die op zijn gitaar een fuga van Bach speelt. Iets raakt hem wat hij nauwelijks kan bevatten en waarvoor elk woord als de muts op een kaars zou lijken. Deze Japanner  wordt de Ideale Vriend waardoor Kaius  herhaalde malen Japan zal bezoeken. Anneke droomt ervan om danseres te worden en onverschrokken onthult ze de herenliefde van Kaius. In zijn klas wordt hij als ‘ een flikker’ gestigmatiseerd. Hij was een gevallen engel, een gay angel die tiranie en chaos niet op een afstand kon houden. Anna stelt hem voor aan haar vriendje André, de zoon van mijnheer Jeaumot, zijn leraar zedenleer. Door zijn pianospel maakt Kaius indruk. Voor André weet hij zijn verliefdheid te onderdrukken. Hij ontdekt dat deze samen met ‘Duivel ’Wolfram er een handeltje in vervalste iconen op nahoudt. Met Duivel trekt hij naar een klooster in het Bretoense Loudihan. Door Wachten op Godot, de rijke onder-waterwereld in Becketts ideeënaquarium valt Lucky, de gastenmonnik door de mand.

Het zonlicht was gul, maar ook zacht. In de verte klepperden de ooievaars hun stille heroïek van zwangerschap en geboorte. Kaius had het nest verlaten. Het fris gewassen linnen geurde als nooit voorheen. De ontknoping zal men zelf moeten lezen. Daarom heb ik de samenvatting als een decrescendo afgebouwd.

Ja, hij had ook een muzikaal bestaan.

Op het einde van elk hoofdstuk slepen de passages in cursief de lezer naar een apart verhaal. Kaius begeleid en verantwoordt zich. Ze lezen als een annotatie bij het grote verhaal. Muziek speelt een beslissende rol en is het Leitmotiv in Kaius’ leven:  Hij ontdekt oude Byzantijnse zangen,  op de Nederlandse VARA de muziek van de sociaal bewogen Kurt Weill, een favoriet van zijn moeder waardoor haar socialisme eindelijk eens ontsnapte aan de laagvliegende dooddoeners van de één-meistoet, Hij beluistert Paul Hindemith en Claude Debussy. Zijn oma deed haar duitje in de zak bij de muzikale opvoeding van haar kleinzoon…de grote Bach die Kaius’ favoriet zou worden. Hij drong Bachs geest binnen zonder zich verplicht te voelen daar langer te verwijlen dan zijn redelijk beknopte contrapuntkennis hem toeliet. Tijdens zijn reis naar Ecuador ontdekt hij  op oude langspeelplaten de fusiemuziek tussen de ingevoerde Spaanse barok en inheemse ritmes en melodieën, net zoals Bach in zijn muziek zangerige invloeden uit Italië en danselementen uit Frankrijk integreerde. Volgen dan Vivaldi, Corelli, Bartok, The Doors ,The Beatles, Eric Satie, John Cage enz. Kortom een musicologisch overzicht van Kaius’ voorkeuren. De wijze waarop hier de muzikale passages worden beschreven is ronduit indrukwekkend. Ze getuigen eveneens van een markante eruditie.

 ‘Ik heb maar een klein beetje gelogen’

Zowel op 6 mei in Reyers Laat als tijdens de voorstelling van het boek op 21.5 2015, verklapte hij deze ‘spoiler’. Vandaar ‘autobiografische fictie’ als ondertitel. Kaius is Stouten’s alter ego. Hierdoor kan men als lezer onmogelijk afstand nemen van deze dichter en gezegend radiomaker. Ik las het dan ook als een vervolg op Kersen eten om middernacht.

Met zijn verwijzing naar klassiek humanioramateriaal zoals Bergson, samen met Teilhard de Chardin een icoon van godsdienstlessen, Mao’s Rode Boekje, Dostojevski, Demosthenes, T.S.Eliot en Beckett, de hypes uit die tijd: Mei 68, The Beatles, repressieve tolerantie (Marcuse) of de hete zomer van 1975, schetst Bart Stouten een treffend sfeerbeeld van het tijdsgewricht dat eveneens het mijne is. Het is herinneringsproza,  belijdenissen in terugblikken die zoals Kersen eten om middernacht met zo een sierlijke intensiteit zijn geschreven dat ik geen adequate adjectieven kan vinden om mijn weemoedig leesgenot te schilderen. Het is weerom een stilistisch pareltje zonder nutteloze acrobatie, een voorbeeld van ragfijne esthetiek. Erotiek benadert hij heel suggestief en zonder het aftands en oubollig schokeffect van auteurs die vandaag hun pen nog steeds niet achter hun rits weten te houden,  met strelingen die door de stilte reisden met de schemering van een andere liefde, een samengebalde massa gevoelens….afkomstig van onbekende liefdes, liefdes voor jongens zoals André en Duivel.

In mijn studeerkamer staat zijn proza naast Elias van Maurice Gilliams, In en uit het paradijs, en Van School, Benno Barnard, Zestig van Ingrid Vande Veken, en Souvenirs van Lucienne Stassaert. Hij blijft mijn bewondering strelen.

Wij hebben beslist een toekomst, Anna en die begint bij een onuitwisbaar verleden. Deze zin neem ik mee naar mijn wachttoren op uitkijk naar het vervolg van de spirituele zoektocht van de ‘latere’ Bart Stouten.

Frank De Vos

Bart Stouten, Bidden om verboden vruchten, 382 blz, Vrijdag ISBN 9789460013348 19.95€

(1)  Bart Stouten, Het ware Eden, 160 blz ,Uitgeverij Averbode. ISBN 9789031727285. 15.50€

Bart Stouten, Beminde eilanden, 224 blz ,Uitgeverij Averbode ISBN 9789031732760. 24.95€

Bart Stouten Kersen eten om middernacht , 299 blz, De Bezige Bij Antwerpen. ISBN 978-90-854-25045. 19.95€

(2)  http://www.frankdevos.be/bekijk.asp?type=v&id=496&reeks=50

  

 




Vorige werk: Helena in Pompeď, Johan Teirlinck: ultieme soberheid Terug naar overzicht Recensies Volgende werk: De zinderende zeetaal van Peter Holvoet-Hanssen